Kunstgras-onderzoek gestart

02-11-2016 - Van de directeur amateurvoetbal van de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond ontvingen wij de hieronder weergegeven informatie over het op 1 november 2016 gestarte onderzoek van het rubbergranulaat (de rubberkorrels) die in veel kunstgrasvelden zijn verwerkt en waarover recent nogal wat commotie is ontstaan. Graag delen wij deze informatie met alle leden van onze vereniging.

Met vriendelijke groet,
Het bestuur van VSV Vreeswijk,
Paul Emmelot, voorzitter.
Ruud Kerstiens, secretaris.

 

Zoals bekend wordt er komend half jaar door het Rijkinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) nader onderzoek gedaan naar rubbergranulaat (rubberkorrels) in kunstgras. Het RIVM heeft van het Ministerie van Volksgezondheid, Ministerie en Sport de opdracht gekregen dit onderzoek voor het einde van 2016 uit te voeren. De KNVB heeft al eerder aangekondigd onderzoek naar meer zekerheid over de veiligheid van kunstgrasvelden toe te juichen.

Het RIVM is op 1 november 2016 met het onderzoek gestart. Het RIVM heeft ook de onderzoeksopzet van het rubbergranulaat op sportvelden en eventuele effecten op de gezondheid bekendgemaakt. Hieronder een uitgebreide toelichting. De resultaten van het onderzoek van het RIVM worden eind 2016 verwacht.

Onderzoeksopzet RIVM

In de studie van het RIVM worden honderd kunstgrasvelden in Nederland onderzocht. Op zes plekken op het veld worden monsters genomen. Per plek wordt minimaal één liter granulaat (Rubberkorrels) met een stofzuiger opgezogen en in een glazen fles meegenomen naar het laboratorium. In het lab wordt het rubbergranulaat geanalyseerd. In het onderzoek is er sprake van een zogeheten aselecte steekproef van verenigingen met kunstgrasvelden, wat inhoudt dat iedere vereniging met een kunstgrasveld evenveel kans maakt betrokken te worden in het onderzoek. De KNVB heeft de gegevens van de verenigingen met kunstgrasvelden aan het RIVM beschikbaar gesteld. Verenigingen kunnen zich niet aanmelden voor het onderzoek maar worden benaderd door het RIVM.

Het RIVM voert ook een literatuuronderzoek uit naar alle relevante nationale en internationale wetenschappelijke publicaties met betrekking tot rubbergranulaat. De bevindingen worden gecombineerd met het veldonderzoek. Een ander onderdeel van het onderzoek is dat het RIVM met een selectie uit de verkregen monsters in het lab bekijkt in welke mate er stoffen onder bepaalde omstandigheden vrijkomen. Denk hierbij aan huidcontact en/of het inslikken van het granulaat. Voor de te gebruiken methoden en selectie van stoffen is ook gekeken naar de aanpak en resultaten van internationale onderzoeken. Daarnaast is de onderzoeksopzet ter toetsing voorgelegd aan een wetenschappelijke begeleidingscommissie.

Onderzoek autobandenbranche

Los van het onderzoek van het RIVM, biedt de autobandenbranche (VACO en RecyBEM) verenigingen die vragen hebben over hun kunstgrasveld een test aan om te kijken wat voor rubbergranulaat er op de velden ligt. Verenigingen en gemeenten kunnen zich op een speciale website aanmelden voor een controle of de velden ingestrooid zijn met SBR-rubbergranulaat van voertuigbanden of andere materialen. Deze check staat geheel los van het wetenschappelijke onderzoek van het RIVM. Ook VSV Vreeswijk maakt gebruik van dit test-aanbod.

Op de hoogte blijven van actuele ontwikkelingen?

Om leden en verenigingen op de hoogte te houden van de laatste ontwikkelingen, heeft de KNVB een online dossier rubbergranulaat kunstgras aangemaakt. Via dit dossier hoopt de voetbalbond de eerste vragen te beantwoorden.

Het RIVM en Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) hebben onlangs aangegeven dat op basis van de huidige gegevens er geen reden is om te stoppen met sporten op de kunstgrasvelden. De KNVB volgt hierbij het standpunt van het RIVM en ministerie van VWS.

Wij hopen je hiermee geïnformeerd te hebben.

Met vriendelijke groet,
KONINKLIJKE NEDERLANDSE VOETBALBOND

Jan Dirk van der Zee
Directeur amateurvoetbal